Terug naar alle artikelen

Voor onderwijskrachten

Je eerste workshop op een basisschool: zo bereid je je voor

Een uur met vijfentwintig kinderen die je niet kent. Dit is het draaiboek waarmee je die eerste keer rustig ingaat — inclusief de fouten die bijna iedereen de eerste keer maakt.

6 minuten lezen

Je hebt ja gezegd. Over twee weken sta je een uur voor groep 6 met jouw vak. En nu begint het rekenen: wat als ze niet luisteren, wat als ik te weinig materiaal heb, wat als ik na twintig minuten klaar ben.

Goed nieuws: bijna alles wat er misgaat bij een eerste workshop is vooraf op te lossen. Dit is het draaiboek.

Begin bij één vraag: wat moeten ze aan het eind gemaakt of gedaan hebben?

De grootste valkuil is dat je te veel wilt overbrengen. Je hebt jaren in je vak zitten, en je hebt een uur.

Draai het om. Bepaal eerst wat er aan het eind van het uur op tafel ligt of wat de groep dan kan laten zien. Eén ding. Een tekening, een foto, een korte scène, een parcours dat ze zelf hebben bedacht. Alles wat je daarna plant, is in dienst van dat ene ding.

Kinderen onthouden wat ze zelf hebben gemaakt, niet wat jij hebt uitgelegd.

De opbouw van een uur dat werkt

Een verdeling die in de praktijk bijna altijd klopt:

  • Minuut 0 tot 5 — laten zien. Niet vertellen wie je bent en wat je allemaal hebt gedaan. Laat iets zien: een foto die je maakte, een beweging, een geluid, een object. Kort en concreet. Hierin zit je aandacht voor de rest van het uur.
  • Minuut 5 tot 10 — één opdracht uitleggen. Eén. In maximaal drie zinnen. Laat het zien terwijl je het zegt, want horen alleen is voor de helft van de groep niet genoeg.
  • Minuut 10 tot 40 — maken. Dit is het grootste deel en hier hoor jij vooral rond te lopen. Zeg bij zoveel mogelijk kinderen iets specifieks over wat ze doen. Niet "mooi", maar "die lijn daar, hoe kwam je daarop".
  • Minuut 40 tot 50 — bijschaven of uitbreiden. Wie klaar is, krijgt een vervolgstap. Wie vastloopt, krijgt hulp. Zorg dat je vooraf een extra opdracht achter de hand hebt.
  • Minuut 50 tot 60 — laten zien aan elkaar. Dit slaan mensen het vaakst over omdat de tijd op is. Doe het toch, ook al is het maar vijf minuten. Dit is het moment waarop kinderen merken dat ze iets hebben gemaakt.

Plan altijd tien minuten minder dan je hebt. Er gaat gegarandeerd iets uitlopen.

Wat je meeneemt

  • Materiaal voor meer kinderen dan er zijn. Er gaat altijd iets kapot of raakt zoek.
  • Een voorbeeld van het eindresultaat. Eén, niet vijf, anders maakt iedereen jouw versie na.
  • Iets om mee af te bakenen. Tape, pionnen, hesjes. Kinderen werken beter in een afgebakende ruimte.
  • Een reserveopdracht. Voor de vier kinderen die na twintig minuten klaar zijn.
  • Je eigen naam op het bord. Klinkt simpel, scheelt de hele les "meneer" en "juf".

Een groep vasthouden zonder streng te zijn

Begin pas als het stil is

De verleiding is groot om over het geroezemoes heen te praten. Doe het niet. Ga staan, wacht, en begin als het stil is. De eerste keer duurt dat vijftien seconden die eindeloos voelen. Daarna weet de groep hoe het werkt.

Werk met een vast signaal

Spreek aan het begin één signaal af waarmee je de aandacht terugvraagt. Handen omhoog, een klap in een ritme, een geluid. Oefen het één keer voor de grap. Daarna heb je het de rest van het uur nodig.

Loop, sta niet

Zolang jij door de ruimte beweegt, blijft de aandacht bij het werk. Zodra je vooraan blijft staan, ontstaan er groepjes die iets anders gaan doen.

Spreek kinderen aan op wat ze doen, niet op wie ze zijn

"Je zit al vijf minuten te wachten, waar loop je vast" werkt beter dan "jij bent niet aan het werk". Het eerste levert een gesprek op, het tweede een verdediging.

Laat de leerkracht doen waar hij goed in is

De leerkracht kent de groep. Vraag vooraf naar wie extra aandacht nodig heeft en spreek af dat hij ingrijpt als het echt schuurt. Jij hoeft niet én je vak over te brengen én de orde van een onbekende groep te dragen.

Vijf vragen die je vooraf stelt aan de school

  • Hoe groot is de groep en welk leerjaar precies?
  • Zijn er kinderen die iets nodig hebben waar ik rekening mee moet houden?
  • In welke ruimte werken we en wat is er aanwezig?
  • Wat gebeurt er vlak voor en vlak na mijn uur?
  • Blijft de leerkracht in het lokaal?

Die laatste vraag is de belangrijkste, en hij wordt het vaakst vergeten.

De fouten die bijna iedereen de eerste keer maakt

  • Te lang praten aan het begin. Na drie minuten uitleg is de helft van de groep afgehaakt. Kort uitleggen en de rest onderweg vertellen.
  • Te moeilijk beginnen. Start met iets waarvan iedereen binnen een minuut iets op papier of in beweging heeft. Verdiepen doe je daarna.
  • Perfectie verwachten. Het gaat niet om mooie resultaten. Het gaat erom dat elk kind iets heeft gemaakt en heeft gemerkt dat dat kan.
  • Vergeten af te sluiten. Zonder slotmoment loopt de groep de klas uit zonder besef dat er iets gebeurd is.
  • Niet terugkoppelen. Twee zinnen aan de leerkracht na afloop maken het verschil tussen een losse activiteit en iets waar in de klas op wordt doorgebouwd.

Na afloop: de terugkoppeling

Neem twee minuten met de leerkracht. Vertel wat je hebt gedaan, welke kinderen je verrasten, en waar de groep vastliep. Dat kost je bijna niets en levert de school veel op — het is vaak precies het stukje informatie waar een leerkracht iets mee kan.

Schrijf voor jezelf ook drie dingen op: wat werkte, wat duurde langer dan gedacht, wat doe je de volgende keer anders. Na drie workshops heb je een draaiboek dat van jou is.

Zo kom je aan je eerste workshops

Scholen benaderen kost tijd en je weet vooraf zelden waar je vraag terechtkomt. Karibu doet dat deel voor je: wij kennen de scholen en opvanglocaties in Amsterdam, Noord-Holland, Flevoland en de regio Leiden, en brengen je in contact met plekken die passen bij wat jij doet.

Je meldt je aan, we gaan in gesprek over je vak en je beschikbaarheid, en we koppelen je aan een school. Meestal begin je klein — één workshop of één dagdeel — en groeit het van daaruit. Wat we precies aanbieden lees je bij activiteitenprogramma's, en wie er nog meer in ons netwerk zitten bij onze onderwijskrachten.

Klaar voor je eerste keer?

Vertel ons wat je doet en wanneer je kunt. We zoeken een school waar jouw vak op zijn plek is en zorgen dat je goed voorbereid binnenkomt.

Zin om te kijken wat er mogelijk is?

In een vrijblijvend gesprek kijken we samen wat past bij jouw situatie.