Terug naar alle artikelen

Achtergrond

Rolmodellen voor de klas: waarom herkenning het verschil maakt

Kinderen bouwen hun beeld van wat mogelijk is op wat ze om zich heen zien. Over wat er verandert als het team voor de klas net zo divers is als de klas zelf.

5 minuten lezen

Er is een moment dat leerkrachten herkennen maar zelden opschrijven. Een kind dat de hele ochtend nauwelijks iets zegt, komt na afloop van een workshop naar de begeleider toe en vraagt: doe je dit elke dag?

Het gaat dan zelden over het vak. Het gaat over de ontdekking dat iemand die op jou lijkt, dit werk kan doen.

Dit artikel gaat over wat er in zo'n moment gebeurt, waarom het ertoe doet, en hoe scholen er iets mee kunnen.

Wat een rolmodel eigenlijk is

Een rolmodel is niet iemand die het perfect doet. Het is iemand die zichtbaar maakt dat een bepaald pad bestaat en begaanbaar is.

Kinderen bouwen hun beeld van hun eigen mogelijkheden grotendeels op wat ze om zich heen zien. Als alle volwassenen die je in een lesomgeving tegenkomt op elkaar lijken — dezelfde achtergrond, hetzelfde soort opleiding, hetzelfde soort pad — dan ontstaat er ongemerkt een grens rond wat je jezelf voorstelt. Niet omdat iemand dat zegt, maar omdat je het simpelweg nergens hebt gezien.

Andersom werkt het net zo. Eén persoon voor de klas die een ander pad heeft afgelegd, verbreedt dat beeld direct. Er hoeft niets over gezegd te worden.

Waarom dit niet alleen over afkomst gaat

Herkenning heeft veel vormen, en het is nuttig om ze uit elkaar te houden.

Achtergrond en taal. Een kind dat thuis een andere taal spreekt en iemand voor de klas ziet die dat ook deed, ziet dat het geen belemmering hoeft te zijn.

Route. Iemand die op zijn dertigste van vak wisselde, laat zien dat een pad niet in één rechte lijn hoeft te lopen. Dat is relevant voor elk kind dat merkt dat het op school niet vanzelf gaat.

Vak en interesse. Een kind dat vooral met zijn handen denkt, ziet zichzelf zelden terug in een schoolomgeving die vooral op lezen en rekenen is ingericht. Een maker, een monteur, een danser voor de klas verandert dat.

Manier van doen. Soms is het niet meer dan een toon, een humor, een manier van praten waarin een kind iets van thuis herkent.

Een breed samengesteld team dekt meer van die vormen af dan een team waarin iedereen op elkaar lijkt. Dat is geen streefcijfer, het is praktische pedagogiek.

Wat scholen ervan merken

Scholen die met een gevarieerd team van begeleiders werken, noemen meestal dezelfde effecten.

Andere kinderen komen naar voren. In een workshop of activiteit zie je vaak leerlingen initiatief nemen die in de gewone les stil zijn. Dat levert de leerkracht informatie op die je uit een toets niet haalt.

Gesprekken lopen makkelijker. Sommige kinderen vertellen iets aan een begeleider die ze twee keer per maand zien, wat ze niet tegen hun eigen leerkracht zeggen. Mits er een goede overdracht is, is dat pure winst.

Ouders voelen zich meer thuis. Een team dat lijkt op de wijk, verlaagt de drempel om binnen te lopen.

Het team leert van elkaar. Iemand van buiten kijkt anders naar dezelfde groep. Dat scherpt.

Wat het van de begeleider vraagt

Er zit een risico in dit onderwerp, en het is goed om het te benoemen. Iemand die als rolmodel wordt ingezet, kan het gevoel krijgen dat hij vooral voor zijn achtergrond wordt gevraagd en niet voor zijn vak.

Dat is precies de verkeerde volgorde. Iemand is een rolmodel omdát hij goed is in wat hij doet. De herkenning komt daar bovenop; het is nooit de opdracht.

In de praktijk betekent dat:

  • Je wordt gevraagd voor je vak, je ervaring en hoe je met een groep werkt.
  • Je hoeft niets over jezelf te vertellen wat je niet wilt vertellen.
  • Je bent niet verantwoordelijk voor het welzijn van elk kind dat op je lijkt.
  • Wat je doorgeeft, geef je door aan de hele groep.

Als dat klopt, gebeurt het effect vanzelf.

Hoe Karibu hiermee werkt

Karibu is een intermediair tussen scholen en creatieve onderwijstalenten. Ons netwerk is breed samengesteld: lesbevoegde professionals, vakmensen, studenten en mensen die van een ander vak kwamen. Dat is geen bijzaak — het is een van de redenen dat scholen met ons werken.

Voor scholen betekent dat concreet dat je bij een aanvraag niet alleen kijkt naar beschikbaarheid, maar ook naar wie er bij jouw leerlingen past. Wij denken daarin mee: welke begeleider sluit aan bij deze groep, deze wijk, dit moment in het jaar.

Voor talenten betekent het dat je achtergrond geen obstakel is maar een deel van je waarde — naast en niet in plaats van je vak.

Meer over de mensen in ons netwerk lees je bij onze onderwijskrachten. Waar we vandaan komen en waarom we dit doen staat bij ons verhaal.

Wat je als school morgen kunt doen

  1. Kijk wie er dit jaar voor jouw groepen heeft gestaan. Niet alleen het vaste team, maar ook gastdocenten, workshopbegeleiders en stagiairs. Hoe breed is dat gezelschap?
  2. Vraag bij een aanvraag door. Niet alleen "wie is er beschikbaar", maar ook "wie past bij deze groep".
  3. Geef begeleiders de ruimte om over hun vak te vertellen. Vijf minuten aan het begin van een workshop is genoeg.
  4. Zorg dat mensen terugkomen. Herkenning ontstaat niet in één keer.

En als talent: weet dat je aanwezigheid op zichzelf al iets doet, ook op de dagen dat je denkt dat het een gewone les was.

Verder praten hierover?

Ben je school, buitenschoolse opvang of kinderopvang en wil je een team van begeleiders dat past bij je leerlingen? Of ben je zelf iemand die zijn vak wil doorgeven? Beide gesprekken voeren we graag.

Ik zoek ondersteuning voor mijn school →

Ik wil me aanmelden als talent →

Verder praten? Beide gesprekken voeren we graag.

In een vrijblijvend gesprek kijken we samen wat past bij jouw situatie.